In juni organiseerde de Werkgroep Onderzoek en Maatschappij een verdiepend avondseminar over de hond als huisdier. De bijeenkomst vond plaats op de campus in Utrecht en bracht verschillende sprekers samen rond de vraag: Kunnen honden als huisdier een volwaardig leven hebben? Het blog van Joeri Saelman, met gelijknamige titel, vormde de aanleiding voor en basis van het seminar. De avond was opgedeeld in twee delen: Eén deel met vijf korte presentaties van verschillende sprekers en een deel voor discussie met de sprekers en de aanwezigen.
Foto hierboven: Zwerfhonden in Tbilisi, Georgië. Door: saba khvedelidze, Unsplash
Presentaties
De eerste spreker van de avond was Doke Willemse. Doke was dierenarts voor gezelschapsdieren. Ze groeide op met honden, katten, konijnen en vissen. Echter, door haar werk als dierenarts ontwikkelde ze een andere kijk op de ethiek rondom het houden van dieren.
Doke vertelde over de problemen rond honden als huisdier die zij dagelijks zag. Uiteraard zijn dat fokgerelateerde problemen, platte snuiten of kleine schedels, en die zijn ernstig op zichzelf. Maar iedere hond, ongeacht het ras, kan te maken krijgen met andere problemen door menselijk toedoen, denk aan: Verwaarlozing (van haar, huid, nagels, tanden) – hieronder valt ook obesitas, wat voorkomt bij 50% van de honden. Obesitas heeft gevolgen voor de levensverwachting, voor de kans op artrose en kanker en voor de slijtage van gewrichten. Naast verwaarlozing krijgen veel honden te maken met gedragsstoornissen, onder andere door eenzaamheid, verveling en frustratie. Medisch is er voor huisdieren steeds meer mogelijk, denk aan langdurige opname en chirurgie. Zeker omdat een hond niet zelf beslist over deze ingrepen, is het volgens Doke van enorm belang om zorgvuldig met die mogelijkheden om te gaan. We moeten nadenken over de vraag: Wat is goede zorg? En: Is goede zorg alles doen wat kan?
De volgende spreker was Marie-Jose Enders. Zij is als professor emeritus in de Antrozoölogie verbonden aan de OU en tevens voorzitter van het Centrum voor DierMens Studies. Ze was de tweede spreker van de avond. Marie-Jose heeft jarenlang onderzoek gedaan naar de betekenis van de relatie tussen mensen en hun huisdieren en naar de effecten van dierondersteunde activiteiten zoals coaching, therapie en onderwijs bij kwetsbare ouderen en kinderen
De presentatie van Doke WIllemse
Marie-Jose vroeg zich in haar presentatie af: ‘Zijn honden onze slaafjes?’ Tussen honden en mensen is, als er sprake is van een relatie als “baasje” en “huisdier” eigenlijk altijd asymmetrie. Immers, de mens is in die relatie degene die veel van het leven van de hond bepaalt. Maar wat betekenen honden voor ons? Het samenleven met een hond als huisdier blijkt uit onderzoek te zorgen voor betere lichamelijke en psychologische gezondheid. Ook zorgt een hond voor beweging en sociale inbedding. En wat betekenen wij voor honden? Wisten we dat maar (beter). Echter, Marie-Jose is ervan overtuigd dat het geen eenrichtingsverkeer is. Beide partijen geven betekenis aan de relatie. Wij kunnen onderdeel zijn van de zingeving en het doel in het leven van de hond, bijvoorbeeld door zijn familie en roedel te zijn. En zoals wij voldoening kunnen halen uit ons werk, zo kan een hulphond dat wellicht ook voelen wanneer hij mensen ondersteun
Op de slide staat: 'Lefti leefde op straat in Griekenland. Kreeg in de zomer ongetwijfeld genoeg eten. Van zowel plaatsgenoten als toeristen. Maar verdere zorg? Is hij nu in Nederland slechter af?'
Margit Warmink was de derde spreker: Zij is bestuurslid van Stichting Wereldhonden, een stichting die probeert het leven van (voormalige zwerf-)honden in het buitenland te verbeteren, o.a. door adoptie in Nederland, maar ook door shelters te ondersteunen. Ze is tevens vrijwilliger bij een dierenambulance.
Margit liet tijdens haar presentatie een aantal foto’s zien van zwerfhonden voor en na hun adoptie. Er komen schokkende foto’s voorbij: Van uitgemergelde, vastgeketende, verwaarloosde honden die uit die situatie gered zijn en nu als huisdier in een gezin zijn opgenomen. Niemand twijfelde eraan dat hun huidige bestaan volwaardiger is dan wat zij hadden. De hele insteek van stichting Wereldhonden is immers om iets te doen aan het leed van zwerfhonden, omdat zij hen een beter, waardiger bestaan gunnen. Toch kunnen we ook de vraag stellen: Is een zwerfhond altijd beter af als huisdier, of zijn er gevallen waarin de vrijheid, die het zwerfhondenbestaan ook biedt, te verkiezen valt? Er zijn gevallen waarin dat best te beargumenteren is, bijvoorbeeld in Tbilisi, Georgië, zoals Bernice Bovenkerk later zou vertellen. Niet alle zwerfhonden hoeven naar Nederland gehaald te worden. Tegelijkertijd is het van belang dat, als een hond geadopteerd wordt, hij op een geschikte plek terechtkomt, waar rekening wordt gehouden met zijn behoeften. Stichting Wereldhonden stelt zich daarom de vraag: Wat maakt een hond ‘kansrijk’ voor adoptie? Wanneer kan zijn leven volwaardiger worden door juist niet langer als zwerfdier, maar als huisdier te leven?
Majori Meijer, de vierde spreker van de avond, is kynologisch gedragstherapeut bij DOA. Haar werk bestaat met name uit het verbeteren van gedrag bij asielhonden, zodat deze sneller kunnen worden herplaatst. Daarnaast leert ze mensen om hondengedrag beter te begrijpen.
Majori ziet dat het type hond dat in asielen terechtkomt enorm verschoven is in de afgelopen 20 jaar. Hoewel er nog altijd ‘pieken’ van bepaalde rassen zijn (Dalmatiërs na 101 Dalmatiërs e.d.), zijn er structureel andere problemen ontstaan. Zo zijn er veel meer gedragsproblemen en is herplaatsing ingewikkelder. Aan honden worden enorme verwachtingen gekoppeld. Honden moeten alle mensen leuk vinden en ook alle andere honden (“Hij moet toch kunnen spelen?”). Ze moeten altijd lief zijn, stil zijn, niet lastig doen en vooral: luisteren. Majori is ervan overtuigd dat een volwaardig bestaan voor een hond als huisdier mogelijk is, maar mensen zullen zich dan veel beter moeten realiseren wat de behoeften zijn van de hond. Vraag je af: Waar is deze hond ooit voor gefokt? Was dat speurwerk, hersenwerk, schapendrijven, bewaking? Dan heb je al een beter beeld van wat de waarschijnlijke behoeftes van je hond zijn: speuren, uitdaging, veel beweging of andere honden/mensen op afstand houden. En los daarvan kan iedere individuele hond eigen behoeftes hebben, waar je je tijd en aandacht in moet steken. Mensen kijken soms naar een hond alsof het een robot is, die doet wat zij willen als ze maar het juiste commando geven, en dat zorgt voor frustratie en gedragsproblemen. Majori ziet dat met lede ogen aan en weet dat het grootste deel van haar werk niet het ‘opvoeden’ van honden, maar van mensen is.
Tot slot, als vijfde spreker, sprak Bernice Bovenkerk. Zij is hoogleraar dier- en natuurethiek aan Wageningen University. Ze vertelde over eigen onderzoek en dat van studenten die zij begeleid heeft: Over fokgerelateerde problemen en hoe mensen daarover denken. Maar ook over hoe mensen de beslissing nemen om een hond te adopteren en hoe we ervoor kunnen zorgen dat dat een stuk minder impulsief gaat.
Bernice vertelde daarnaast over het onderzoek van Yulia Kisora, dat zij begeleidde, naar de zwerfhonden in Tbilisi. Yulia noemde hen steevast “thuisloos”, niet “zwervend”. Deze honden mogen dan geen thuis hebben, ze krijgen voer en water aangeboden, medische zorg indien nodig, een chip, sterilisatie en vaccinatie. Honden worden gekoppeld aan een territorium en als ze daaruit weglopen, zorgen de aangewezen (of door de hond uitgekozen) ‘verzorgers’ ervoor dat ze naar het territorium terugkeren. Verder zijn de honden vrij om te gaan en staan waar ze willen, wat betekent dat ze in groepjes rondhangen op een plein en in de winter ook wel eens een huis opzoeken voor de warmte. De honden worden getolereerd, mensen passen zich aan hen aan en de honden passen zich aan de mensen en hun infrastructuur. Ze nemen de metro en wachten voor het stoplicht. Daarom stond in de presentatie van Bernice onder meer de vraag centraal: Is er een andere samenleving mogelijk met liminele dieren – dieren die niet wild, maar ook niet tam zijn? We moeten tegelijkertijd Tbilisi niet zien als een romantisch ideaalbeeld: Er worden bijvoorbeeld veel honden aangereden en het samenleven gaat zeker niet altijd van een leien dakje. Maar het geeft wel aan hoe we het vrije samenleven van hond en mens ook heel anders zouden kunnen inrichten.
Van links naar rechts: Koen Kramer (moderator), Marie-Jose Enders, Margit Warmink, Doke Willemse, Bernice Bovenkerk en Majori Meijer
Discussie
Na de vijf sprekers volgde de discussie met alle aanwezigen, waarin we weer terugkwamen op de vraag: ‘Kan een hond als huisdier een volwaardig leven leiden?’ Wat een volwaardig leven precies is, daar zijn we met elkaar niet uitgekomen. Waar de discussie vooral naartoe bewoog, was een iets andere vraag: Kunnen mensen een hond als huisdier de mogelijkheden bieden voor een volwaardig leven?
Sommige sprekers en aanwezigen in de zaal waren ervan overtuigd dat dit mogelijk is, mits ‘eigenaren’ geen onmogelijk hoge verwachtingen hebben en bereid zijn de behoeften van de hond te onderzoeken en zoveel mogelijk te vervullen. Ze moeten blijven leren en tijd en energie steken in de relatie met de hond. Het betekent ook dat – wanneer iemand een hond neemt – diegene nadenkt over of deze specifieke hond wel past bij de situatie waarin die persoon leeft. Een schichtige hond die moet leven in een omgeving met veel prikkels, zal niet gelukkig zijn. Iemand die lange dagen van huis is, zal een hond een leven vol verveling geven. Ook werd in de discussie geopperd dat als je van mening bent dat mens en dier niet veel van elkaar verschillen, het mogelijk zou moeten zijn om met elkaar te communiceren. Een hond kan zelf aangeven wat hij wel of niet wil en dat kunnen mensen (tot op zekere hoogte) begrijpen, als ze willen opletten, en als hond en mens elkaar goed kennen. Het huisdierschap biedt – in de mooiste of ideale vorm – veiligheid (onderdak, medische zorg) en stabiliteit (voedsel, water, warmte). Een volwaardig leven hoeft immers niet een volledig ‘vrij’ of ‘natuurlijk’ leven te zijn. Tot slot is het een praktische benadering: In een land als Nederland, waar niets is ingericht op het tolereren van thuisloze honden zoals in Tbilisi, zou het voor het welzijn van honden onverantwoord zijn om hen volledige vrijheid te geven.
Andere sprekers en aanwezigen waren van mening dat mensen nooit de mogelijkheden voor een volwaardig leven kunnen bieden aan een hond als huisdier. De inperking van agency, van eigen wil, is simpelweg te groot en sommigen zijn – zoals Doke vertelde – niet in staat om goed voor een hond te zorgen. Ook dingen die we doodnormaal vinden bij honden - sterilisatie, niet zelf kunnen bepalen wanneer je naar buiten wilt, wat je wilt doen, welke medische zorg je krijgt – zijn ernstig beperkend. Bovendien is onze kennis van wat een hond echt wil te klein. Ligt de hond vredig te slapen, of is hij zo verveeld dat hij maar in zijn mand is gaan liggen? De manier waarop hond en mens samenleven in Tbilisi zou deze bezwaren deels kunnen oplossen, hoewel ook daar de honden niet volledig vrij zijn – ze worden gesteriliseerd, teruggebracht naar hun territorium als ze weglopen en medisch behandeld als ze ziek zijn. En als een volwaardig leven niet mogelijk is, wat kunnen we van daaruit dan betekenen voor honden die nu al huisdier zijn? Als we alle honden hun vrijheid zouden teruggeven, betekent dat dan dat ze ook volledig aan hun lot overgelaten zijn?
Foto: Pexels, Sinitta Leunen
Zijn de twee houdingen een conflict tussen zorg en vrijheid? Een mooi voorbeeld is ‘de riem’. Dit was een telkens terugkerend onderwerp en leek een symbool voor onze relatie met honden. Uiteraard is een riem beperkend en betuttelend en vinden de meeste honden het fijner om zelf te kunnen bepalen waar ze lopen, graven en snuffelen. Veel mensen zien een hond als een familielid, maar zouden een familielid niet aan de riem mee naar buiten nemen. En toch: Het aanlijnen doen mensen ook om de hond te behoeden voor gevaarlijke situaties, bijvoorbeeld om te voorkomen dat een hond aangereden wordt. Als je in een bos wandelt is loslopen vaak niet toegestaan, omdat het niet verantwoord is voor andere in het wild levende dieren (vogels, konijnen, herten).
Wat tot slot nog aan bod kwam in de discussie is: het geweten. ‘Kan een hond als huisdier een volwaardig leven leiden?’ is in essentie ook een gewetensvraag en een vraag om ethische reflectie. De discussie getuigde ervan dat mensen bereid waren om daarop te reflecteren en daar zijn wij als organisatoren heel blij mee. Zo weinig mensen staan maar stil bij het daadwerkelijke welzijn van de hond die zijn hele leven met hen doorbrengt. Joeri Saelman schreef met dat idee ook haar blog, en hoopt vurig dat meer mensen zich bewust zijn van de beperkingen die het huisdierschap met zich meebrengt. In een ideale situatie zouden honden misschien vrij rond kunnen lopen, maar tot we bij die ideale situatie zijn, kunnen en moeten we er alles aan doen om het samenleven met honden zo volwaardig mogelijk te maken.
Heel veel dank aan alle sprekers, alle aanwezigen en in het bijzonder aan Koen Kramer voor het modereren van deze avond!
Reactie plaatsen
Reacties